Hervorming Wmo

Na het lezen van het pleidooi van mijn partijgenoot Tof Thissen komt er een aantal observaties bij me boven. En hoewel de samenleving niet maakbaar is, zie ik wel enkele veranderingen die noodzakelijk zijn in het hoofd van de mensen en politici. Het gaat om twee overtuigingen die in het algemeen onder Nederlanders gelden: iedereen heeft het recht om zo oud MOGELIJK te worden, en betaald werk is beter dan een uitkering. In die laatste overtuiging zit ook een rest welvaartsdenken: met betaald werk word ik rijker dan met een uitkering.

Als we willen decentraliseren en lokaliseren in de zorg, hebben we nog steeds veel professionals nodig. Bezuinigingen mogen nooit terecht komen in dat deel van de zorg, maar moeten vallen in de bureaucratie van de zorg, het invullen van formulieren en het controleren van elkaar. Meer eigen verantwoordelijkheid bij professionals en zorgverleners, zodat veel meer op maat kan worden aangeboden. Meer verantwoordelijkheid betekent niet per se meer uren, taken kunnen worden gedeeld met vrijwilligers en familie. Waar wel een mogelijk verbeterpunt zit, is het salaris dat professionals verdienen. Ik vind dat we moeten nadenken over het afslanken van professionele organisaties, en het inhuren van professionals als vrijwilligers, op basis van een ‘uitkering’ in de vorm van een basisinkomen. Met een laag basisinkomen is het mogelijk om goed rond te komen als men zelf ook gebruik maakt van tweedehandswinkels, stadslandbouw en autodelen. Juist dat is de professional in staat om te handelen in de geest van de participatiesamenleving omdat zijn leefwereld dichterbij die van de client ligt. Natuurlijk zullen er mensen zijn die problemen krijgen met het betalen van hun hypotheek, maar dat is een ander hoofdstuk waar ik tzt op terug zal komen.

Het tweede heikele punt is de verlenging van de levensduur van terminale patienten. Het is een goed idee om hen zoveel mogelijk zelfstandig te laten wonen, en dat mes snijdt aan twee kanten. Zowel voor de persoon in kwestie is dit vele malen prettiger dan een verblijf in een verpleeghuis, maar ook voor de kosten van zorg is dit beter, zeker als er vrijwillgers worden ingezet. Maar het gaat om het bepalen van het moment van overlijden. Onze verzorgingsstaat is opgezet na de tweede wereldoorlog, en er waren nog nooit zoveel medische mogelijkheden om iemand in leven te houden. Dit bepaalt voor een groot deel de stijging van de kosten, terwijl veel ouderen jarenlang ziek zijn en steeds minder kwaliteit van leven hebben. We zijn bang voor de dood, en daar dient maatschappelijk iets aan te gebeuren. Het is een heikel onderwerp, dat realiseer ik mij, ik wil ook niemand de dood in sturen, maar wel een bewuste afweging maken, ook maatschappelijk, hoelang het leven mag duren. Maatschappelijk bewustzijn en verantwoordelijkheid past hierbij, van zowel de ouderen als vrienden en familie. Een zachte dood omringd door de naasten is wat mij voor ogen staat.